De vijf mannen van The Grand East hebben twee jaar na het zeer succesvolle debuut ‘Movano Camarata’ dan hun tweede album de wereld ingeslingerd. Middels een zeer succesvolle crowdfunding actie konden ze te werk gaan hóé ze zelf wilden en met wie. Samen met Pablo van de Poel (DeWolff) en Simon Akkermans (Cmon & Kypski) is dit pareltje ontstaan. De klassieke sound met nieuwe impulsen kun je wel stellen. Net zo super dat er dus al op voorhand veel mensen vertrouwen hadden in een goede afloop. Op dit album, ‘What A Man’, staan in ieder geval 10 tracks die zeker soms heel erg verschillen van elkaar maar uiteindelijk wel allemaal The Grand East zijn. Let’s Go!

Met het orgel geluid van Joris van den Berg beginnen we, ‘Away’ hebben ze ‘m genoemd. Als dan het ritme omhoog gaat en de stem van Arthur Akkermans erbij komt voelt het meteen vertrouwd aan. Daarbij is het ook onmiddellijk rete spannend! Die bluesrock zit er nog volledig in maar lijkt alleen maar meer te zijn ontwikkeld. De basis is gelegd. ‘Apocalypse Now’ is wat donkerder, wat grauwer maar er zit een fantastische opbouw in. King Gizzard & The Lizard Wizard invloeden? Op muzikaal zeer zeker maar qua zang is het wel heel mysterieus en verrassend met de samenzang. Waarschijnlijk is dit live eentje die enorm gerekt gaat worden. Fantastisch dus!
Natuurlijk is ‘What A Man’ bekend. Het is een typische The Grand East track maar ook weer een beetje anders, positief uiteraard! Muziek met een boodschap, niet zomaar iets maken. Daar hebben ze sowieso goed over nagedacht. Hoe anders qua sound is dan ‘Sweet Boy’. Rustig begin en je denkt echt dat dit een heel nieuw gezicht is van The Grand East. Schijn bedriegt want naarmate dat de track langer duurt wordt het intenser, heviger, energieker. Prachtige opbouw en climax dus! Daarbij een tikkeltje geëxperimenteerd en dat komt zeer zeker door de kijk van producer Simon Akkermans.
Een nummer wat ook wel op de voorganger had kunnen staan is ‘Who Is Joe’. Donker, bluesy, het fijne orgel geluid is goed aanwezig maar ook weer heel opzwepend. Minder opvallend? Misschien wel. Maar desalniettemin eentje die heel goed in elkaar steekt.

‘I’ve Been Young’ is zo ontzettend sterk. Je voelt de spanning vanaf seconde 1 erin en je weet dat het op een gegeven moment gaat losbarsten. TADAA! Ook dan weer de relatieve rust die in het nummer zit en wederom het energieke moment.. Dit is echt The Grand East!
Met een meesterlijk ritme van Imanishi Kleinmeulman begint ‘Magic Surf’. Dat overigens met wederom een lekkere riff op gitaar van de altijd sterke Niek Cival. Toch is de track in zijn geheel wel iets anders dan die bluesrock wat we normaliter gewend zijn. Het doet je oren extra spitsen en is echt wel eentje die in de top staat van dit album. Laat je niet afleiden door de titel ‘Straaljager’; niet Nederlandstalig hoor! Waar je wel door afgeleid wordt is het nummer zelf. Het is moeilijk om deze in een hokje te stoppen, misschien ook wel logisch. Er zit een nieuwe saus overheen maar dan wel met een hele eigen lading The Grand East. Melancholisch maar dan vol blues & psychedelica. Je moet er misschien enkele keren naar luisteren, maar als ie valt is het ook fucking nice! ‘Burn Away’ grooved vanaf het eerste moment en dat komt mede door het heerlijke basloopje van Teun Eijsink. Pak dan daarbij de samenzang wat je gedurende de coupletten meermaals hoort. Hij past precies in het geheel van dit album. Zoveel energie! Je wilt bijna niet dat het stopt. Ok, dat gaat wel gebeuren want ‘Feels Like I’m Flying’ is de afsluiter van het album. De trompet is van stal gehaald, akoestische gitaar van Niek en dan de rust op zang door Arthur. Doordat de mannen hiermee eindigen, kun je wel stellen (ondanks dat we het al wisten) dat ze van alle markten thuis zijn. Dit zou overigens ook fantastisch klinken in een oud nostalgisch bruin café. Soul & jazz. I love it!

Vergelijkingen zijn fijn. The Doors zal zeker worden genoemd. Ik noemde King Gizzard al. Toch is het allemaal heel erg The Grand East. Anders is dit 2e album zeer zeker ten opzichte van hun debuut. Ze hebben zich doorontwikkeld en dat maakt de heren uit Diepenheim ook hoe dan ook beter. Krachtig, donker, meeslepend, energiek maar ook absoluut soms verrassend! Ik kijk nu alweer uit om ze live te zien want daar leven ze stiekem voor, om nóg meer energie over te brengen naar ons, naar het publiek. Voor iedereen een absolute aanrader om dit album te luisteren en natuurlijk aan te schaffen!

Vorig artikelSam Fender – That Sound
Volgend artikelJonathan Jeremiah – Shimmerlove

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Vul alstublieft uw commentaar in!
Vul hier uw naam in